Het persoonlijke

Eenzaamheid is geen klacht

Iets eerder voelen dan de rest is mooi en eenzaam tegelijk. Ik leerde dat het tweede bij het eerste hoort.

Soms overvalt het me uit het niets. Een soort eenzaamheid die niemand echt lijkt te begrijpen, hoe hard ze ook hun best doen. Niet omdat ik alleen ben. Ik ben omringd door mensen die ik vertrouw, zakelijk en thuis. En toch.

Het zit hem in het voelen. Ik voel vaak iets eerder dan de rest. Een richting, een afslag, een verandering die eraan komt. En als je iets voelt wat je niet kunt bewijzen, sta je er even alleen voor. De mensen om je heen zijn niet onwillig. Ze kunnen alleen nog niet zien wat jij al voelt. Dat is geen onbegrip uit kwade wil. Het is gewoon: nog niet te volgen.

Vooruit voelen is mooi.
En het is even alleen.

Lang vond ik dat zwaar. Ik wilde dat iedereen het meteen zag. Dat ik me niet hoefde te verantwoorden voor een gevoel, dat één keer uitleggen genoeg was. Maar zo werkt het niet, en ergens is dat ook logisch. Wie vooruit kijkt, loopt per definitie een stukje voor de groep uit. En wie voorop loopt, loopt alleen. Niet als straf. Als eigenschap van de positie.

Ik wil er geen drama van maken, en al helemaal geen slachtofferverhaal. Ik ben niet zielig en ik zoek geen medelijden. Soms gebeuren er dingen en daar moet je het mee doen. Deze eigenschap heeft me gevormd tot wie ik ben, en die ben ik graag. Maar ik wil er ook niet over zwijgen, want zwijgen maakt het groter dan het is. Eenzaamheid waar je niet over praat, wordt een geheim. En geheimen worden zwaar.

Het gekke is: diezelfde eenzaamheid is ook mijn motor. Juist omdat niet iedereen meekan, blijf ik zoeken naar nieuwe manieren om het uit te leggen. Juist omdat het schuurt, begin ik opnieuw, doe ik het net even anders, zoek ik de rand op waar het minder druk is. Wat me apart zet, zet me ook in beweging. Zonder dat gevoel was ik allang ergens comfortabel blijven zitten.

En het heeft me milder gemaakt. Ik herken het nu bij anderen, vaak eerder dan ze het zelf benoemen. Die ondernemer die iets ziet aankomen en er in de bestuurskamer niet doorheen komt. Die collega die stil wordt in een vergadering, niet omdat ze niets te zeggen heeft, maar omdat ze de woorden nog niet heeft gevonden. Dan ga ik naast ze zitten. Niet om het op te lossen. Om er te zijn met iemand die weet hoe dat voelt. Soms is dat genoeg. Meestal, eigenlijk.

Eenzaamheid is voor mij geen klacht geworden. Het is een onderdeel. Van wie ik ben, van hoe ik kijk, en van waarom ik doe wat ik doe. En als jij dit leest en denkt: dit ken ik. Dan ben je dus minder alleen dan je dacht. Zo werkt dat, met delen.

Gerard Russchen
Ondernemer, dwarsdenker, verbinder
Deel je reactie

← Alle stukken