Ik wil het steentje in je schoen zijn. Dat ene steentje dat blijft schuren tot je niet anders kunt dan stoppen, je schoen uittrekken en kijken wat er aan de hand is.
Niet om vervelend te doen. Om je in beweging te brengen. Want kijk eens om je heen hoeveel mensen doorlopen terwijl het schuurt. In banen die allang niet meer passen. In bedrijfsmodellen waarvan iedereen aan tafel weet dat ze aflopen, maar niemand het hardop zegt. In gewoontes die ooit ergens goed voor waren en nu alleen nog gewoontes zijn. We zijn wereldkampioen doorlopen geworden. Stoppen voelt als falen, dus we lopen door, met steeds meer eelt op precies de verkeerde plek.
Dat eelt is het probleem. Wie lang genoeg doorloopt met een steentje, voelt het steentje niet meer. Dat lijkt winst. Het is verlies. Want het steentje is er nog steeds, en het stuurt nog steeds je pas, je richting, je humeur. Je voelt het alleen niet meer. Er is dan iemand van buiten nodig die vraagt: waarom loop je eigenlijk zo?
Die iemand wil ik zijn. Ik schuur, en ik doe het ook op plekken waar dat niet gewaardeerd wordt. In bestuurskamers, bij organisaties, in de regio. Ik zeg dingen die mensen liever niet horen. Dat het anders kan. Dat het beter kan. Dat ze vastzitten in iets wat ze zelf niet meer zien, juist omdat ze er middenin staan.
Ik heb geen gelijk omdat ik iets zie.
Je hoeft me niet te volgen.
En het belangrijkste, want hier valt of staat het mee: ik verdien er niets aan. Dat is geen detail, dat is de kern van het steentje. Op het moment dat ik ergens beter van word, ben ik geen steentje meer maar een verkoper. Dan heb ik een belang, en een belang maakt zacht. Dan ga je doseren, aardig doen, terugtrekken op het moment dat het spannend wordt, want er staat iets op het spel. Scherp blijf je alleen als je niets te verliezen hebt. Dus houd ik het zo.
Dat sommige mensen me daardoor lastig vinden, neem ik op de koop toe, en ik neem het ze niet eens kwalijk. Het is nooit fijn om te horen dat de weg waarop je loopt misschien de verkeerde is. De boodschapper van dat bericht is nooit populair. Maar populariteit is een like, en daar doe ik niet aan. Ik ben liever de reden dat iemand over een jaar zegt: toen jij dat zei, vond ik je irritant. En je had gelijk dat het schuurde.
Want let op wat er gebeurt als iemand wél stopt. De schoen gaat uit. Het steentje rolt eruit, en het is altijd kleiner dan het voelde. En dan komt de echte vraag, de vraag waar het al die tijd om ging: wil ik eigenlijk wel verder op dit pad? Soms is het antwoord ja, en loopt iemand verder, lichter dan eerst. Soms is het antwoord nee, en begint er iets nieuws.
Beide zijn goed. Het enige verkeerde antwoord is doorlopen zonder de vraag te stellen. Daarvoor ben ik er. Klein, hard en precies op de verkeerde plek. Precies goed dus.
